![]() |
Verdwenen Geluiden boven waterHonderden 'uitgestorven geluiden' worden nu publiek bezit, door een opmerkelijk initiatief van het Nederlands Audiovisueel Archief (NAA) en de NPS. Het geluid van het slijpen van een zeis of van een kolenwasmachine uit de Limburgse mijnen zal niet alleen te horen zijn via Internet; kunstenaars zullen met deze geluiden gaan componeren voor het Soundscapes 2000 Festival in Amsterdam.In november zullen in Amsterdam de 'soundscapes' (of geluidslandschappen) worden gepresenteerd als een eigen muzikale stijl op het Soundscapes 2000 Festival. Dit initiatief van componist en radiomaker Michael Fahres moet onder meer leiden tot twee speciale afleveringen van het NPS/VPRO programma Supplement op Radio 4. Samen met collega Co de Kloet benaderde Fahres het Nederlands Audiovisueel Archief. Mirjam Pastoor, catalogiseerder van de NAA-Fonotheek: 'De vraag was of geluiden uit ons geluidenarchief voor het Soundscapes Festival gebruikt konden worden. Door die geluiden op Internet te publiceren zouden componisten en kunstenaars wereldwijd die geluiden in composities kunnen gaan verwerken'. Ook de Hilversumse afdeling van de Hogeschool voor de Kunsten Utrecht (HKU) is bij dit project betrokken: daar wordt software ontwikkeld die on-line componeren via het Wereld Wijde Web mogelijk moet gaan maken. Dyane Donk, student muziektechnologie aan de HKU en werkzaam bij het Centrum voor Electronische Muziek (CEM) in Utrecht, werd aangetrokken om het NAA geluidenarchief door te spitten. Doel is om een selectie te maken van geluiden die zijn verdwenen of die op het punt staan om te verdwijnen. Donk: 'We hebben nu vijf thema's: ambachten, transportmiddelen, historische en overige geluiden'. In de Poel Room, een digitale audio-montage studio op het Audiocentrum, laat Donk prachtige voorbeelden horen: draaiende molenwieken in stereo, een kinderklas die de binnenkomende meester begroet met 'Goedemorgen edele heer' en een opname van gecodeerde telefonie uit 1940. 'We willen die opnames ook op geluidsgenre gaan indelen', zegt Donk. 'geluiden met ruis, repeterende en omgevingsgeluiden en geluiden met toonhoogtes'. Uit de nu beschikbare 300 geluiden wordt een selectie gemaakt. Het materiaal is afkomstig uit het NAA-geluidenarchief, het radio-archief en een aantal bijdragen van de Nederlandse geluidsjagersvereniging. Het dateren van al die opnames is moeilijk: bij de mono-bandjes van voor 1960 is geen opnamedatum vermeld. Mogelijk wordt aansluiting gezocht bij een onderzoek naar geluidsoverlast sinds 1930 van de Universiteit van Maastricht. De Limburgers kunnen wellicht mensen leveren om de geluiden nauwkeuriger te dateren en van achtergrondinformatie te voorzien. Want luisteren naar het geluid van een 'vonkzender' is leuk, maar wat is dat eigenlijk voor een apparaat? Ook in andere opzichten is het Verdwenen Geluiden project bijzonder. Normaal moet voor gebruik van het geluidenarchief worden betaald en straks kun je via Internet alles "downloaden".' Assistent archief manager Arjo van Loo van het NAA: 'Het is wel zo dat we slechts een selectie uit het geluidenarchief beschikbaar stellen, zodat niet de complete schatkamer op straat wordt gegooid. We willen er toch een beetje zuinig op zijn. Bovendien stellen we de geluiden alleen ter beschikking met maar één doel: het maken van soundscapes voor het festival'. Ook over de rechtenkwestie is goed nagedacht. 'Het NAA bezit de auteursrechten van de geluiden uit het geluidenarchief', zegt Van Loo. 'Voor beschikbaarstelling van de geluiden uit het radio-archief zal toeststemming worden gevraagd aan de rechthebbende omroeporganisatie'. Uiteindelijk gaat het hier om publiek omroepmateriaal, dat medio mei in ieder geval tijdelijk en liefst definitief publiek toegankelijk wordt gemaakt. © André van Os | Spreek'Buis, blad voor omroepmedewerkers, maart 1999. |