KINO!

Uitzenddatum: 22 - 28 mei 1999

Kino is Russisch voor film: filmmuziek van Dmitri Sjostakovitsj en Sergei Prokofjev, en een verdwaald stuk van Arthur Honegger.


Jelena Koesmina arriveert in een primitief herdersdorp in de Altaibergen in de Kozintsev-Trauberg ODNA (ALLEEN, 1930). Het dode paard is een authentiek religieus symbool.


De jonge filmcomponist Dmitri Sjostakovitsj (rond 1928).

Klik op de foto's voor een grotere afbeelding.

In 1919 was de Federatie van Sovjet-Republieken nog làng geen feit. Maar bolsjewieken-leider Lenin en ideoloog Loenasjarski bogen zich al wel over de politiek van de toekomstige staat. Per dekreet wilden zij in augustus 1919 de filmindustrie nationaliseren. Lenin vond film de belangrijkste kunst voor de revolutionaire arbeidersbeweging. Hij stimuleerde de cinema, maar er was toch geen groter pleitbezorger van de film als propaganda- en kunstvorm, dan zijn opvolger, Jozef Stalin. Vanaf 1923, '24 kregen jonge kunstenaars: theatermakers, schilders, fotografen en schrijvers, de kans van hun leven. Op staatskosten mochten zij de nieuwe kunst uitvinden. Dit leidde al direct tot meesterwerken, zoals de vroege films van Eisenstein, Poedovkin, Kozintsev & Trauberg en een hele generatie jonge, experimentele cineasten. Twee beroemde zwijgende films van Eisenstein kregen originele muziek van Edmund Meisel, een theatercomponist uit de linkse avant-garde van Berlijn. De jonge Sjostakovitsj werkte midden jaren '20 als pianist-filmbegeleider in bioscopen in Petrogad, tegenwoordig Sint Petersburg. Dmitri Kabalevsky speelde in filmtheaters in Moskou. De vooroorlogse Russische cinema had de grootste talenten in huis. Sjostakovitsj en Prokofjev schreven wereldberoemde muziek voor Sovjet-Russische films. Vandaag eerst een selectie uit allerlei geluidsfilms waarvoor Sjostakovitsj componeerde.

ZATERDAG 22 MEI

MUZIEK:
fragmenten uit zeven filmpartituren - tussen 1940 en 1970 gecomponeerd door Dmitri Sjostakovitsj - van de uitbundige komedie Korzìnkina uit 1940, tot het onderkoelde waanzinsdrama van King Lear, in 1969 geregisseerd door Grigori zintsev. De overige fragmenten waren afkomstig uit de films: Soya, Mitsjoerin, De Val van Berlijn, De Horzel en Grigori Kòzintsevs wereldberoemde Hamlet-film uit 1964, volgens sommigen de beste Shakespeare-verfilming uit de geschiedenis van de cinema.

KORZINKINA op. 59 - Suite
Koor / orkest USSR Ministry of Culture / G. Rozhdestvensky
Melodia MCD 194.

SOJA op. 64 - Adagio - Moderato con moto
Deutsches SO Berlin / RIAS Kammerchor / M. Jurowski
Capriccio 10 405.

MICHURIN op. 78a - Souvenir
Belgian Radio SO / J. Serebrier
BMG / RCA Victor RD60226

FALL OF BERLIN op. 82 - In The Destroyed Village - Metro Scene
Belgian Radio SO / J. Serebrier
BMG / RCA Victor RD60226

THE GADFLY - Romance
London SO / Maxim Shostakovich
Collins 12602

HAMLET - Ball at the Castle / The Ghost / In the Garden
Berlin Radio SO / Leonid Grin
Capriccio 10298

KING LEAR - Storm / Lunch at Gonerilja / Last Image / Finale
Rundfunk SO Berlin / M. Jurowski
Capriccio 10397

ZONDAG 23 MEI

Een beroemd werk van Dmitri Sjostakovitsj: de enige partituur, die hij schreef voor een zwijgende film. Deze muziek werd in het theater in de orkestbak uitgevoerd, terwijl de film op het bioscoopdoek te zien was. Het gaat om Novii Vavylon: Het Nieuwe Babylon, een film van Grigori Kozintsev en Leonid Trauberg, geschoten in 1928 in Leningrad en Parijs.

In september 1928 werd Sjostakovitsj tweeëntwintig. Hij was klaar met het conservatorium en wereldberoemd door zijn eerste symfonie. Beroemd of niet, sinds de dood van zijn vader was hij bioscooppianist. Als kostwinner moest hij met het begeleiden van Buster Keaton en Charlie Chaplin het gezin onderhouden, waarin hij de enige zoon was. Door de veelbesproken plannen voor zijn opera De Neus trok hij de aandacht van twee jonge cineasten, die een regieduo vormden in de Lenfilm studio's in Leningrad: Leonid Trauberg en Grigori Kozintsev. Zij werkten aan een film over de Commune van Parijs, die in het voorjaar van 1871 in een bloedbad tenonder was gegaan. Sjostakovitsj werd gevraagd om voor theaterorkest muziek bij de film te componeren, even bitter en sarcastisch als het drama zelf. In februari 1929 schreef hij in een week tijd zijn partituur van negentig minuten. Hij speelde zijn muziek aan de piano voor, en vroeg de regisseurs wat ze ervan vonden. Kozintsev en Trauberg waren volledig uit het veld geslagen en zeiden: `Het is héél goed', waarop Sjostakovitsj antwoordde: `Dat dacht ik ook'. Sjostakovitsj zou ook voor alle volgende Kozintsev-Trauberg films de muziek componeren.

Nieuw Babylon vertelt het verhaal over opkomst en ondergang van de roemruchte Commune van Parijs van 1871. Het heldenverhaal is gecentreerd rond twee personages: Louise, een winkelmeisje uit het warenhuis La Nouvelle Babylone, en haar minnaar Jean, een Frans soldaat. Als na het debâcle van de Frans-Pruisische Oorlog de arbeiderswijken van Parijs in opstand komen en een eigen bestuur kiezen, gaat het mis tussen Louise en Jean. Zij sluit zich aan bij de Commune, die ze fanatiek verdedigt op de barricades. Jean wordt als soldaat ingezet om diezelfde Commune neer te slaan. Hij ziet haar uiteindelijk gefusilleerd worden. Ook de muziek gaat terug tot 1870, de tijd waarin Jacques Offenbach ongekend populair was. La belle Hélene en Orpheus worden regelmatig geciteerd als symbolen van de bourgeoisie. Sjostakovitsj maakte veel gebruik van de beroemdste techniek uit de zwijgende cinema: het contrapunt op het beeld, waarbij de muziek vertelt wat er buiten het zicht of in de ziel van de hoofdpersonen gebeurt. De ironische wals is een van de vele symbolen: de naïeve soldaat realiseert zich tè laat, dat hij de kant van de bourgeoisie en het kapitaal heeft gekozen.

NIEUW BABYLON is niet alleen een partituur voor een zwijgende film, het is ook een parodie op dat genre. Er zit een compleet pianostuk van Tsjaikovsky in, de Marseillaise, de Internationale en andere revolutie-chansons. De partituur werd in het Britse blad Afterimage Sjostakovitsj' beste werk genoemd.

MUZIEK:
Sjostakovitsj' partituur voor de film Nieuw Babylon uit 1929. Voor de uitzending was een coupure noodzakelijk van de derde acte en het begin van de vierde acte. De opname van de integrale muziek, door het Radio Symfonie Orkest Berlijn, onder leiding van James Judd, is leverbaar op het Capriccio label.

Dmitri Sjostakovitsj - The New Babylon (selectie)
Berlin Radio SO / James Judd
Capriccio 10341/42

MAANDAG 24 MEI

De muziek van Dmitri Sjostakovitsj, bij een beroemde film van Kozintsev & Trauberg: Odnà: Alléén.

De beroemde vooroorlogse Russische filmschool ontwikkelde een stijl, die groeide uit de revolutionaire agitatie-propaganda, het sociaal realisme, de documentaire film en de Russische klassieke literatuur. In 1930 maakten de regisseurs Kozintsev & Trauberg hun eerste geluidsfilm: Odnà. Ze waren eraan begonnen als zwijgende film, zonder gesproken dialoog maar mèt muziek. In het eindstadium werd het toch een geluidsproductie, vrijwel helemaal uitgevoerd in de techniek van de oude zwijgende cinema. Hun scenario voor Odna was geïnspireerd op een krantenbericht: een vliegtuigbemanning had in Siberië een verdwaalde jonge vrouw van de bevriezingsdood gered. Odnà moest een vliegersfilm worden, een populair genre sinds Lindbergh in 1927 de Atlantic was overgestoken. De heldenrol zou voor het vliegtuig zijn. Maar het script kreeg snel een sociaal-politieke lading. De jonge vrouw, gespeeld door Jèlena Koesna, werd de heldin. Zij speelde een jonge onderwijzers in Leningrad, die ervan droomt hoe gelukkig zij en haar man zullen worden in de comfortabele wereldstad. Ze is verliefd en dol- en dolgelukkig. Dan komt de jobstijding. Ze moet van het onderwijs-ministerie naar het Altaigebergte in Sovjet-Mongolië. Ze blijft veel liever bij haar geliefde, maar de plicht roept. Vol goede moed trekt ze naar de verlaten vlakten en heuvels van de Altai, waar een primitief herdersvolk lezen noch schrijven kan. De schaapherders zitten er niet op onderwijs te wachten van zo'n juffrouw uit de verre, verre stad. Maar Koesmina gaat aan het werk, en wordt de favoriet van de kinderen en de jonge moeders. Maar als haar pupillen met de schaapskudde mee moeten, komt ze in verzet. Ze krijgt de dorpsoudste en de herders tegen zich, als ze tegen de schapenhandel protesteert. De plaatselijke communistenleider doet intussen niets om haar te helpen. Een veehandelaar laat de jonge vrouw op een ijsvlakte verdwalen. Ze wordt ternauwernood gered door een vliegtuig uit de bewoonde wereld. Voor ze naar Leningrad teruggevlogen wordt, belooft ze de kinderen terug te komen om haar taak te volbrengen.

Sjostakovitsj' muziek bij dit ontroerende drama is vol contrasten. De betrekkelijkheid van het mooie leventje in de wereldstad wordt door de ironie van zijn partituur onderstreept. Aan het slot van de film klinkt orkestmuziek van een ongekende emotie, terwijl de vliegtuigpropellor draait om Koesmina naar de beschaafde wereld terug te brengen en de onderwijzeres en de moeders en kinderen van de Altai hun tranen de vrije loop laten. Het is geen wonder, dat deze schitterende film door de Soviet-autoriteiten van het Eerste Vijfjarenplan werd afgedaan met de term `cultuurpessimisme'. De filmmuziek bevat twee veelzeggende liederen: `Hoe prachtig zal ons leven zijn' en `Blijf bij ons'. Het eerste lied werd eigenlijk gecomponeerd door cineast Leonid Trauberg, die Sjostakovitsj vóórzong hoe hij het hebben wilde. Trauberg was in 1984 op bezoek in Nederland. Odna werd vertoond in het toenmalige Haagse Filmhuis aan de Dennenweg. Hier zag de regisseur zijn eigen film terug, voor het eerst sinds vierenvijftig jaar en verklaarde daarbij: `Het is een goeie, hele goeie film'.

MUZIEK: Sjostakovitsj' partituur voor de film Odna uit 1930. De opname van de integrale muziek, door het Radio Symfonie Orkest Berlijn, onder leiding van Michail Jurowski, is in de vakhandel verkrijgbaar op het Capriccio label.

DINSDAG 25 MEI

Filmmuziek uit de jaren dertig van Dmitri Sjostakovitsj en Sergei Prokofjev:

De Gouden Bergen was een film van cineast Sergei Joetkevitsj uit Leningrad, een goede vriend en collega van Kozintsev en Trauberg: Sjostakovitsj' belangrijkste opdrachtgevers als het om filmmuziek ging. In De Gouden Bergen figureren arbeiders, stakers en grootgrondbezitters. Een arme boer trekt naar de stad, om daar als arbeider een paard bij elkaar te verdienen. In de stad broeit een staking. De werkman wordt als stakingsbreker gezien, maar ontpopt zich tenslotte als vakbondsman van het eerste uur. Sjostakovitsj schreef zijn muziek oorspronkelijk in 1931 voor een zwijgende versie van de film. De bekende suite uit De Gouden Bergen dateert uit 1936 en bevat voor filmmuziek destijds ongebruikelijke instrumenten als orgel en Hawaiian guitar.

Sergei Prokofjev was vijftien jaar ouder dan Dmitri Sjostakovitsj. Na Sjostakovitsj was hij zeker de grootste Russische componist van de twintigste eeuw: belangrijker dan Glazoenov, Rachmaninov of zelfs Stravinsky. Ook Prokofjev componeerde filmmuziek. Zijn bekendste werk op dit gebied is de ironische partituur voor Alexander Fainzimmers satire Luitenant Kijé uit 1933-'34. De film is een satire op de bureaucratie ten tijde van Tsaar Pavel de Eerste. Het verhaal gaat over het fictieve bestaan van een luitenant, die geboren is uit een verschrijving. De bekende historicus en scenarist Joeri Tinjanov schreef het script, duidelijk geïnspireerd op soortgelijke persiflages van Nikolai Gogol. De Amerikaanse cineast en filmhistoricus Jay Leyda, die in de jaren '30 in Moskou nog bij Eisenstein aan de filmopleiding studeerde, vroeg zich af, wat er van Fainzimmers film geworden zou zijn, zònder de Kijé muziek van Prokofjev.

In de jaren '30 werd door de Soviet-Russische kunst het begrip sociaal realisme geadopteerd. Kunst moest toegankelijk zijn voor de arbeidersmassa, en wat zich daarboven verhief werd als bourgeois of als burgerlijk formalisme bestempeld. In de filmkunst werd gestreefd naar producties die herkenbaar waren, en de mensen na aan het hart lagen. Dat had zijn beperkingen: kunst was niet waardevrij. Desondanks draaiden de Lenfilm en Mosfilm-studio's enkele fenomenale films, zoals Eisensteins Alexander Nevsky, Tsjapajev van de Vasilievs - twee cineasten die als elkaars broer beschouwd werden, maar het niet waren - en bovenal de Trilogie van Maxim. De drie Maxim-films werden tussen 1934 en '38 geregisseerd door Kozintsev & Trauberg. Ze vertellen het verhaal van een naïeve jongen uit Vyborg, de arbeiderswijk van Leningrad. Deze Maxim ontwikkelt zich tot een volbloed bolsjewiek. Maxim was de ideale schoonzoon en de rechtschapen revolutionair in één. Hij had humor, zong liedjes aan de gitaar en werd òngekend populair. Maxim werd de populairste Russische jongensnaam. Duizenden Russen zijn naar Maxim vernoemd, die gespeeld werd door Boris Tsjirkov. Ook Sjostakovitsj - de componist van de films - noemde zijn zoon naar deze volkse fantasie-revolutionair van Grigori Kozintsev en Leonid Trauberg.

MUZIEK:
Opnamen van Sjostakovitsj' filmmuziek voor De Gouden Bergen en de Trilogie van Maxim, gemaakt onder leiding van Michail Jurowski voor het Capriccio label. Het symfonie-orkest van Los Angeles onder André Previn in Prokofjev's Kijé-suite.

Dmitri Sjostakovitsj - Suite De Gouden Bergen
Rundfunk SO Berlin / Michail Jurowski
Capriccio 10561.

Sergei Prokofjev - Suite Luitenant Kijé
Los Angeles SO / André Previn
Telarc CD 80143.

Dmitri Sjostakovitsj - Suite uit de Maxiom Trilogie
Rundfunk SO Berlin / Rundfunkchor / Swetlana Katchur, sopraan / Michail Jurowski
Capriccio 10561.

WOENSDAG 26 MEI

Een verdwaald stuk van Arthur Honegger.

De familie Trauberg uit Leningrad had drie zoons. Leonid en Ilja werden wereldberoemde filmregisseurs. De middelste, Victor Trauberg, werd arts. Twee cineasten in één gezin is wel genoeg, had de moeder van de jongens gezegd. Ilja Trauberg begon als assistent van Eisenstein bij de opname van diens film Oktober. In 1929 regisseerde Ilja een gerenommeerde film: De Blauwe Express. Erich von Stroheim stal het idee korte tijd later voor The Shanghai Express. De Blauwe Express was een zwijgende film. Edmund Meisel schreef er in Berlijn muziek bij, die voor een synchronisatiesysteem op grammofoonplaten werd opgenomen door de Lewis Ruth Jazz Band. Maar de Russische bioscopen hadden zo'n geluidssysteem nog niet en daar werd De Blauwe Express nog helemaal als zwijgende film gepresenteerd, met levende muziek. Er bestond in deze tijd veel contact tussen filmcritici, cineasten en componisten uit Moskou en Parijs. Zo kwam het, dat de muziek van Arthur Honegger bij het Franse spoorwegdrama La Roue in Rusland werd uitgevoerd bij De Blauwe Express. Honeggers treinmuziek voor La Roue is grotendeels verloren gegaan: het spoor bijster geraakt, ergens in Rusland, waar de bioscooporkesten De Blauwe Express van Ilja Trauberg de cadans gaven van deze Franse filmmuziek.

MUZIEK:
Arthur Honegger - Ouverture La Roue
CSR Symphony Orchestra Bratislava / Adriano
Nippon Colombia (Denon) 8.223134

DONDERDAG 27 mei

Na enige tijd in West-Europa te hebben gewoond keerde Prokofjev uit heimwee terug naar Rusland. Hij liet zijn avant-gardistische periode min of meer voor wat het was geweest, en zocht aansluiting, bij de heersende opvattingen over de betekenis van de Soviet-Russische kunst. Prokofjev schreef muziek voor diverse films. Niet al deze muziek is uitgegeven, niet alle films zijn gedistribueerd. Ook voor Eisenstein schreef Prokofjev muziek, vóór de films afgemonteerd waren. Een ongebruikelijke volgorde in de filmindustrie. Tijdens de oorlog was de filmstudio van Lenfilm, Leningrad geëvacueerd naar Alma-Ata. Hier werkte Sergei Eisenstein aan zijn tweedelige anti-epos Ivan de Verschrikkelijke, het beroemde drama over de wrede maar onzekere 16de eeuwse Russische Tsaar. Prokofjev schreef er de muziek bij en had het plan een opera uit het geheel te distilleren, met hulp van Eisenstein, die naam had als regisseur van Wagneropera's. Van deze plannen is niets gekomen. De filmmuziek voor Ivan de Verschrikkelijke wordt wel als cantate uitgevoerd in de redactie van Abram Stassevitsj. Hier een opname van het Rotterdams Philharmonisch Orkest en het Kirov Operakoor onder Valery Gergiev. Solisten zijn Ljoebov Sokolova en Nikolai Poetilin.

MUZIEK
Sergei Prokofjev - Ivan the Terrible
Liubov Sokolova / Nikolai Putilin / Krov Opera Chorus / Rotterdam Philharmonic Orchestra / Valery Gergiev
Philips Classics 456 645-2

VRIJDAG 28 MEI

Sergei Prokofjev en Eisensteins Alexander Nevsky.

Filmmuziek heeft nog steeds een inferieur imago. Terwijl Salomon Volkov elke noot van Sjostakovitsj aan een Stalin-fobie toeschrijft, in zijn omstreden boek Getuigenis, stelt Ian MacDonald, een volgende biograaf ijskoud, dat hij niet in Sjostakovitsj' film- en toneelmuziek geïnteresseerd is. Dat schiet dus niet op, met de Sjostakovitsj-biografen. De merkwaardige houding van Ian MacDonald is jammergenoeg niets bijzonders. Terwijl filmmuziek uiteindelijk niets minder is dan de opera- en oratoriumpartituren van de twintigste eeuw. De film heeft bovendien ook het lied geannexeerd. Sjostakovitsj, Ravel, Ibert - om er maar drie te noemen - schreven liederen voor filmproducties. Geen bekender voorbeeld van kunstmuziek voor het bioscoopdoek, dan de talloze partituren van Sjostakovitsj en de dramatische filmscores van Prokofjev. In 1938 schreef Prokofjev de muziek voor Eisensteins film Alexander Nevsky, over de laat-middeleeuwse Russische prins die het tegen de Teutonen opneemt. Alexander Nevsky was prins van Kiev en Novgorod. In 1240 versloeg hij de Zweden aan de rivier de Neva, vandaar zijn bijnaam Nevsky. Twee jaar later versloeg hij de Germaanse veroveraars op een dichtgevroren meer in Wit-Rusland. Nevsky werd grootvorst van Vladimir, heilige van de Russisch orthodoxe kerk en held aller Russen, even legendarisch als Peter de Grote en Lenin. In Eisensteins film komen glorieuze momenten uit zijn leven in een schitterende vormgeving voor het voetlicht. Maar het gaat hier niet alleen om een historisch epos. Een van de bedoelingen van de film was, om nazi-Duitsland te waarschuwen wat er kon gebeuren, mocht men Rusland binnenvallen. Een bijzonder feit in de ontstaansgeschiedenis van de film, is dat Eisenstein zijn montage heeft aangepast aan de muzikale ideeën van Prokofjev. De suite uit de filmmuziek is een eigen leven gaan leiden en werd minstens even bekend als de beelden zelf.

MUZIEK:
Sergei Prokofjev - Alexander Nevsky suite
Christine Cairns, mezzo, Los Angeles Master Chorale (dir: John Currie) Los Angeles Philharmonic Orchestra / André Previn
Telarc CD 80143

Deze serie van NPS Thema was gewijd aan KINO, het Russische woord voor film en een boektitel van filmhistoricus Jay Leyda. Samenstelling: Theodore van Houten.

Nadere inlichtingen: Theodore van Houten
Postbus 1
4328 ZG Haamstede
E-mail: theodore@newbabylon.demon.nl